Extensief beheer

Nu chemische onkruidbestrijding in het openbare groen geheel verboden is, is extensief oftewel ecologisch beheer op de begraafplaats een steeds logischer keuze. De beheerder van begraafplaats Bergklooster in Zwolle heeft daar al vanaf 2003 ervaring mee. Door Bert Pierik

Extensief beheer

© Bert Pierik

Van dode akker naar bloemrijke begraafplaats

Door Bert Pierik

gemengd-bloemenlandschap-bergklooster-1

Nu chemische onkruidbestrijding in het openbare groen geheel verboden is, is extensief beheer op de begraafplaats een steeds logischer keuze. Bert Pierik, beheerder van begraafplaats Bergklooster in Zwolle, heeft daar al vanaf 2003 ervaring mee. In vijf bijdragen vertelt hij wat daar bij komt kijken. Te beginnen met deze inleiding waarin hij vertelt hoe het zo gekomen is.

De eeuwenoude begraafplaats Bergklooster ligt op een oude rivierduin van de Overijsselse Vecht. Deze rivierduin is ontstaan aan het eind van de laatste ijstijd. De arme, opgestoven, hoger gelegen grond was geschikt voor de bouw van een nederzetting en eind 14e eeuw werd op deze plek het Agnietenklooster gebouwd. Eén van de beroemdste bewoners van het klooster was Thomas a Kempis. Hij schreef De Navolging van Christus. Het spirituele werk is na de bijbel één van de meest verspreide boeken van het Christendom. Toen Thomas stierf werd hij begraven in het kloostercomplex tussen zijn medebewoners. Ook buurtgenoten mochten begraven worden in de geweide aarde. Vanaf eind 14e eeuw tot en met heden is de begraafplaats in functie.

Na de afbraak van het klooster in de 16e eeuw hebben buurtgenoten de begraafplaats voortgezet tot op de dag van vandaag. Bergklooster wordt beheerd door de ‘Vereniging Begraafplaats Bergklooster’ waarvan de leden uit vijf omringende buurtschappen komen, echter iedereen is welkom om er begraven te worden. De bestuurders zijn vrijwilligers en worden gekozen uit de leden. Het secretariaat en penningmeesterschap van de vereniging wordt betaald uitgevoerd door de beheerder. Deze functie wordt inmiddels al vier generaties lang, meer dan een eeuw, uitgevoerd door de familie Pierik. Vele Zwollenaren en mensen uit de omgeving zijn er de afgelopen eeuwen begraven en nu nog vinden er jaarlijks gemiddeld 150 begrafenissen plaats. Sinds 2012 is een nieuwe locatie in gebruik genomen: Nieuw Bergklooster.

Arme grond
De grondwaterstand ligt ruim vijf meter diep en de schrale grond is zanderig en goed doorlatend, ideaal voor het verteringsproces. De begraafplaats bestaat uit zeven gedeelten met meerdere akkers van verschillende grootte, gescheiden door paden. Het is een klassieke dodenakker, de graven liggen voor en naast elkaar en worden door gras omsloten of bedekt. Het maaien van het gras kost het meeste onderhoud.
Toen ik halverwege de jaren tachtig bij mijn vader in dienst kwam, werd het gras één keer in de twee of drie weken gemaaid. Een kort gemaaide grasmat geeft een verzorgd beeld, was de opvatting. De akkers waarin grafmonumenten van verschillende omvang liggen, waren een beetje een doolhof. De maaimachine kon niet overal bijkomen.
Alle tussenstukken en kantjes die niet gemaaid konden worden, werden twee maal per jaar, in maart en augustus, met liters onkruidbestrijdingsmiddelen bespoten. Elk jaar werd met de leverancier een cocktail van boven- en ondergronds werkzame middelen samengesteld voor het gewenste resultaat. Vaak verspreidde het middel zich verder dan nodig was en gaf het doodgespoten gras wekenlang een lelijk aanzicht. Dit gaf een rommelig en doods beeld, Bergklooster was een echte ‘dode’ akker.
De weerstand groeide tegen de toepassing van chemische onkruidbestrijding. Het resultaat was vaak ook nog zeer tijdelijk door het snel uitspoelen van de middelen in de zandgrond.
Het besef dat het tevens zeer ongezond was om er mee te werken drong steeds verder door. De vader van de toenmalige leverancier werkte vaak onbeschermd met deze middelen en was al ver voor mijn werkzame leven op 61-jarige leeftijd overleden aan kanker en lag al lang en breed onder de halfgroene zoden van Bergklooster. Toch was er grote huiver om de vertrouwde chemische onderhoudsmethode los te laten en over te schakelen naar een andere vorm van beheer. Mechanisch beheer zou immers veel meer tijd kosten om het gewenst onderhoudsniveau te handhaven op een steeds groter wordende begraafplaats.

Een groene revolutie
Bergklooster raakte steeds verder vol. Oude familiegraven waarin na schudden nieuwe generaties bijgezet werden, waren vaak bedekt met een eenvoudig staand grafmonument en gras. De oude smalle steen werd meestal vervangen door een grafmonument met een omvangrijke, liggende betonplaat waardoor de oude akker steeds minder toegankelijk werd.Steeds meer tussenstukken en stroken konden alleen met onkruidbestrijding ‘netjes’ gehouden worden. Veel vervallen oude grafplaten die volgroeiden met kruiden en gras werden ook even mee gespoten.
In 1987 werd na rijp beraad besloten dat een oud grafmonument niet meer vervangen mocht worden door een nieuwe met een liggend deel. De nieuwe, uitsluitend staande monumenten mochten niet breder dan zeventig centimeter zijn zodat er nog met een grasmachine tussendoor gelaveerd kon worden. Op deze wijze zou de omvang van het deel dat met onkruidbestrijding werd bespoten zienderogen afnemen. De opkomst van de motorzeis was uiteindelijk de mechanische oplossing om ook de tussenstukken en strookjes langs de grafmonumenten te maaien.

Zeldzame flora
Tijdens het maaien werden verschillende bijzondere en fraai bloeiende plantjes waargenomen. Na determinatie hiervan werd er niet alleen om de grafmonumenten heen gemaaid maar ook steeds vaker om de bloeiende plantjes.
De flora kreeg steeds meer kans om tot bloei te komen en dat bleef niet onopgemerkt. De ecoloog van de provincie Overijssel bezocht Bergklooster regelmatig en raakte steeds enthousiaster over de aanwezige flora. Na een inventarisatie bleken er nog zes, zeer zeldzame plantensoorten die op de Rode Lijst staan op Bergklooster voor te komen. De oude rivierduinvegetatie bleek zich al die eeuwen min of meer gehandhaafd te hebben en kreeg nu dankzij het nieuwe maaibeleid kans om rijkelijk te bloeien en zich uit te breiden.
Eind jaren negentig werd vol ingezet op ecologisch beheer. Er werd minder vaak gemaaid en het gemaaide gras werd afgevoerd om verschraling te bevorderen. Oude verwaarloosde grafplaten van grafmonumenten werden, na overleg, afgevoerd om plaats te maken voor overgebleven grasplaggen. De grindpaden, die erg gevoelig waren voor ingroei, werden vervangen door graspaden en de hoofdpaden werden geasfalteerd. De gifspuiten werden afgevoerd. Sinds het jaar 2003 is er na een afbouwperiode van enkele jaren géén chemische onkruidbestrijding meer toegepast. Honderden grafplaten zijn er de afgelopen decennia afgevoerd om plaats te maken voor gras.
Vooral op de oude delen van de begraafplaats wordt de grasmat nu extensief beheerd en is Bergklooster getransformeerd van een dode akker naar een bloeiende, bloemrijke dodenakker.