Termijnen van 'schudden' van s.o.
Rubriek: Begraven en regelgevingOnderwerp: j. Ruimen / schuddenVRAAG
Ik heb een specifieke vraag m.b.t. het “Schudden” van een stoffelijk overschot.
Wij begraven op begraafplaats X dubbeldiep en willen een enkele keer een uitzondering maken om te ‘schudden’, zodat er uiteindelijk een derde familielid bij kan. Vaak gaat dit bijvoorbeeld om een thuiswonend kind of ongetrouwde broer of zus.
Nu komt het verzoek binnen van een familie of we nu moeder kunnen begraven (ze ligt op een andere begraafplaats begraven en wil nu bij ons voor een graf voor onbepaalde tijd kiezen). Voor de opgraving op de andere begraafplaats zal de officier van justitie ingeschakeld dienen te worden, omdat ze daar nog maar 1,5 jaar begraven ligt. Nu is de vraag van de familie of op termijn haar twee kinderen (tweeling van momenteel 30 jaar oud) bij haar begraven kunnen worden.
Ik zou mezelf voor kunnen stellen dat we aangeven als moeder 20 jaar begraven ligt en het eerste kind overlijdt dat we de stoffelijke resten van moeder dan “schudden” en het eerste kind op 2-diep leggen, zodat het volgende kind er op termijn bij kan.
Mijn vraag is: zou dit ook al na de wettelijke grafrusttermijn van 10 jaar kunnen ? We doen dit liever niet omdat er dan verhoudingsgewijs nog een grote hoeveelheid resten aanwezig zijn.
Zouden jullie ons van advies kunnen voorzien.
ANTWOORD
Wanneer ‘schudden’ op uw begraafplaatsen op grond van uw verordeningen mogelijk is, kunt u aan de wens tot het schudden van een grafruimte gehoor gegeven. In de tarieventabel zie ik wel een tarief voor opgraven staan, maar niet voor het schudden van een grafruimte. Dat maakt facturering van schudden lastiger, omdat er geen tarief voor vastgesteld is. Wellicht goed om hiervoor tijdens het vaststellen van de tarieven voor 2027 wel een tarief voor op te nemen in de tabel, maar dat was niet uw vraag.
U schrijft dat een moeder 1,5 jaar geleden op een andere begraafplaats begraven is en dat u nu een verzoek ontvangen heeft om moeder op een van uw begraafplaatsen te herbegraven in een graf met twee begraaflagen. Daarbij is het de bedoeling dat later twee (volwassen) kinderen in hetzelfde graf bij begraven kunnen worden. U schrijft niet in welke gemeente moeder nu begraven is, maar alleen de burgemeester van de gemeente waarin de huidige begraafplaats waar moeder begraven is, is beslissingsbevoegd tot het verlenen van een vergunning tot opgraven. De officier van justitie komt hier helemaal niet aan te pas. Dat zou alleen het geval zijn wanneer moeder korter dan een jaar geleden begraven zou zijn en de aanvraag tot een vergunning voor opgraven en cremeren zou aan de orde zijn. Cremeren is dan alleen toegestaan met schriftelijk verlof van de officier van justitie, zie hiervoor artikel 29 Wet op de lijkbezorging (Wlb). Is de begraving langer dan een jaar geleden, maar minder dan tien jaar en de burgemeester besluit hiervoor vergunning te verlenen, dan is geen toestemming van de officier van justitie vereist.
Als de burgemeester besluit dat hij of zij vergunning tot opgraven verleend, ondanks dat de begraving slechts 1,5 jaar geleden heeft plaatsgevonden, dan kan daar uitvoering aan gegeven worden. Vanzelfsprekend dienen er in de vergunning tot opgraven wel de nodige voorwaarden betreffende toezicht en vervoer en bestemming van het lijk opgenomen te zijn. Zie hiervoor ook weer artikel 29 Wlb.
Als moeder na 1,5 jaar opgegraven wordt, is er vervolgens sprake van een herbegraving. De wettelijke termijn van tien jaar gaat niet opnieuw in, maar geldt vanaf het moment van de eerste datum van begraving van moeder (dus vanaf de datum dat zij begraven is in het huidige graf). Na de herbegraving van moeder is de onderste begraaflaag van het nieuwe graf is bezet. De komende 8,5 jaar mag die begraaflaag niet geschud worden en is er nog slechts één vrije begraaflaag over. Als er na die 8.5 jaar de wens bestaat om in het graf te begraven, dan mogen de stoffelijke resten van moeder wel verzameld worden en onder de onderste begraaflaag geplaatst worden, het schudden van het graf. Het is natuurlijk niet nodig om het schudden direct tien jaar na het overlijden van moeder uit te voeren. Wacht daarmee tot de eerste van de twee kinderen overleden is en ook in dat graf begraven moet worden. Hoe langer moeder begraven blijft, hoe minder stoffelijke resten er normaalgesproken zijn om dieper te plaatsen. Het mag dus wel na tien jaar, maar nodig is het niet.
Als één van de kinderen komt te overlijden en in het graf begraven moet worden, is het wel van belang dat op dat moment aangegeven wordt dat het graf geschud dient te worden. Anders is het graf met de begraving van het eerste kind direct vol en dient het de komende tien jaar ongeroerd te blijven. Het te zijner tijd aangeven dat het graf geschud moet worden, is een verantwoording van de nabestaanden en niet van de begraafplaats. Vanzelfsprekend is het wel goed om deze wens in de grafadministratie vast te leggen en ter sprake te brengen als er in het graf een tweede begraving moet plaatsvinden.
Igle Weidenaar
12 mei 2026