Verplaatsing urn en gedenkmonument naar andere begraafplaats
Onderwerp: Monumenten / grafbedekkingVRAAG
De overleden echtgenote is met haar urn bijgezet in een keldertje op onze begraafplaats. Hierop is een gedenkmonument geplaatst. Nu gaat de rechthebbende (de weduwnaar van mevrouw) verhuizen naar elders in het land. Zijn vraag is of de urn met het grafmonument verplaatst mag worden naar een begraafplaats in zijn nieuwe woonomgeving.
Moet er toestemming van de burgermeester worden gevraagd en een melding worden gedaan bij de nieuwe gemeente?
Moet bij verplaatsing de crematieverklaring mee worden gegeven?
Over de kosten van aankoop urngrafrecht en de nog niet verstreken jaren komen we wel uit.
Kunt u mij aangeven ‘welk stappenplan gevolgd moet gaan worden?’
ANTWOORD
U heeft een vraag over een asbus die mogelijk verplaatst dient te worden naar een andere begraafplaats. De rechthebbende verzoekt u de asbus aan hem terug te geven en het monument van het graf te halen, zodat de asbus en het monument op een andere begraafplaats geplaats kunnen worden. Wettelijk gezien vormt dit geen enkel probleem. Ik verwijs u naar artikel 63 van de Wet op de lijkbezorging.
Artikel 63
1. Een asbus die is bijgezet kan op verzoek van de nabestaande door of namens wie de opdracht tot bijzetting is gegeven, door de houder van de plaats van bijzetting aan de nabestaande ter beschikking worden gesteld.
2. Verwijdering van de asbus kan slechts geschieden met toestemming van de rechthebbende op de ruimte waar de asbus is bijgezet.
Vanzelfsprekend dient u ervoor te zorgen dat u een ontvangstbewijs voor de asbus heeft, waarop alle relevante gegevens van overledene en van de ontvanger van de asbus vermeld staan. De ontvanger van de asbus dient te tekenen voor ontvangst van de asbus. Ik adviseer u op datzelfde ontvangstbewijs ook te laten tekenen voor de ontvangst van het monument. Op grond van het Besluit op de lijkbezorging dient u een aantal gegevens van de ontvanger van de asbus in uw register voor bijgezette asbussen op te nemen. Ik verwijs hiervoor naar artikel 10, lid 2d van het blb dat aangeeft:
Artikel 10
2.Het register, bedoeld in artikel 65, eerste lid, van de wet vermeldt:
a.de naam en voornamen van de overledene, onderscheidenlijk de naam van de doodgeborene, alsmede het registratienummer van de asbus;
b.de naam en het adres van de houder van het crematorium waar de crematie heeft plaatsgevonden;
c.de plaats van bijzetting van de asbus;
d.in het voorkomende geval, de plaats van bestemming van de as; e.in het voorkomende geval, de naam en het adres van de persoon aan wie de asbus ter beschikking is gesteld.
Een vergunning tot opgraving is helemaal niet relevant. Een dergelijke vergunning is alleen van toepassing wanneer stoffelijke resten van een begraven persoon opgegraven worden. Een crematieverklaring is de verantwoording van de rechthebbende. Wanneer de ontvangende begraafplaats een crematieverklaring wil ontvangen, is het aan de rechthebbende om daarvoor te zorgen. Hij kan die opvragen bij het crematorium waar de crematie destijds heeft plaatsgevonden. Wanneer u al over de crematieverklaring beschikt, kunt u daar natuurlijk een kopie van aan de rechthebbende ter beschikking stellen, maar u heeft hiertoe geen enkele verplichting.
Ik ga ervanuit dat u een tarief heeft voor het opgraven en ter beschikking stellen van de asbus, wanneer u dat niet heeft, doet u uzelf tekort. U schrijft ook dat u over de kosten van ‘niet gebruikte jaren graf’ er wel uitkomt met de rechthebbende. Het hangt van het reglement van uw begraafplaats af of hiervoor sprake is van een verrekening. Het zou niet logisch zijn om kosten voor niet gebruikte jaren terug te betalen. Het is de keuze van de rechthebbende om geen gebruik meer te maken van hetgeen hij bij u gehuurd heeft.
Een aandachtspunt kan zijn het doen van afstand van het recht op het urnengraf. Ook hiervoor verwijs ik u naar uw eigen reglement, en wat daarin geregeld is ten aanzien van afstand doen van grafrechten.
Igle Weidenaar
15 januari 2026